L2 ECONOMIE Beleidskeuze 1

Toelichting beleidskeuze 1: circulair

Duurzaam economisch groeipotentieel voor Nederland

De Nederlandse economie verandert van karakter, is in 2050 geheel circulair en CO2-neutraal en behoort tot de vijf meest concurrerende economieën van de wereld. Een gezonde en veilige leefomgeving en een goed vestigingsklimaat in het gehele land dragen bij aan een duurzaam groeivermogen van 2% van het BBP. Het Rijk investeert, faciliteert met kennis en onderzoek en stelt eisen aan het benutten van circulaire grondstoffen.

De Nederlandse economie in Noordwest Europa
Nederland ligt globaal tussen de steden Londen, Parijs, München, Berlijn en Kopenhagen. Nederland, Vlaanderen, de Duitse deelstaten Noordrijn-Westfalen en Nedersaksen en feitelijk de gehele Noordwest-Europese regio zijn op diverse onderwerpen nauw verweven. De vele grensoverschrijdende relaties en interacties maken duidelijk dat voor verschillende opgaven voor de NOVI internationale afstemming en samenwerking belangrijk is. De concurrentiekracht en aantrekkelijkheid van Nederland, de quality of life, heeft dan ook sterk te maken met de verbinding, de samenwerking én de concurrentie met de ons omringende landen [1] en (stedelijke) regio’s [2].

Exporterende bedrijven zijn belangrijk in onze welvaart. Een derde van het nationaal inkomen wordt over de grens verdiend. De negen Nederlandse topsectoren nemen een fors deel van deze export van diensten en goederen voor hun rekening. Internationaal opererende bedrijven zijn verspreid over heel Nederland en sterk afhankelijk van een goed functionerend netwerk voor internationaal goederen-, personen-, en dataverkeer. Nederland is een schakel in grote internationale netwerken op zowel Europees als mondiaal niveau. Ondanks dat de economie steeds kennisintensiever wordt, blijft import en doorvoer van grondstoffen en goederen een belangrijke economische motor van ons land. Voor de economische kracht en positie van Nederland in Europa en de wereld gaat het dan ook niet alleen om de grootste steden en enkele stedelijke regio’s buiten de Randstad. Specifieke bedrijven en instellingen met een vooraanstaande internationale positie zijn op diverse plekken in ons land te vinden. Daarnaast is het belangrijk dat we de mobiliteit, die een voorwaarde is voor die verspreiding in het land en voor de export, blijven faciliteren.

Vooraanstaande en internationaal concurrerende ondernemingen zijn te vinden in heel Nederland. De commerciële dienstensector kent sterke concentraties in en bij de grote(re) steden in West-Nederland, maar ook in bijvoorbeeld Zwolle en Arnhem-Nijmegen. Logistiek en distributie kent een sterke concentratie rond onze (lucht)havens maar heeft zich ook daarbuiten sterk ontwikkeld (bijvoorbeeld in West-Brabant, Tilburg-Waalwijk, Venlo-Venray en Zuidelijk Flevoland [3]). Internationale distributiecentra ontwikkelen zich sterk langs de grote vervoersassen in het zuiden en oosten van het land. In alle Nederlandse steden kent de e-commerce en stadsdistributie een sterke groei, al verschilt het groeitempo sterk. De high-tech maakindustrie heeft een sterke concentratie in Zuidoost-Brabant, met  Eindhoven als centrum van de Brainport. In deze innovatieve topregio is een conglomeraat van samenwerkende bedrijven gevestigd die hoogwaardige technologische producten ontwikkelen. Door  toeleveranciers, gevestigd in andere regio’s, straalt de economische ontwikkeling van Brainport Eindhoven uit naar andere delen van Nederland. Meer bescheiden in omvang is (high-tech) maakindustrie ook in andere regio’s zoals Twente, Delft, Achterhoek en Limburg te vinden. Ook de life sciences industrie kent een aantal sterke clusters, vaak gelieerd aan universiteiten en academische ziekenhuizen, zoals in Leiden, Utrecht, Nijmegen, Groningen, Amsterdam en Rotterdam/Delft, maar ook daarbuiten zoals in Haarlem en Oss. De vestiging van het EMA-instituut in Amsterdam versterkt naar verwachting de farmaceutische sector in en om de hoofdstad, maar feitelijk in het gehele gebied tussen Leiden, Amsterdam en Utrecht en ook elders in Nederland. De agro-food industrie kent sterke concentraties in Noordoost-Brabant, Utrecht, Gelderland en Noord-Nederland. Vooraanstaande landbouwclusters (zoals de greenports) zijn verspreid over heel Nederland te vinden.

Nederland circulair in 2050
Op basis van het rijksbrede programma Nederland circulair in 2050 [4] brengt Nederland de CO2-uitstoot terug. Volgens het VN-Klimaatakkoord van Parijs moet de Nederlandse uitstoot van broeikasgassen fors teruggebracht worden. In de circulaire economie liggen substantiële kansen om deze CO2-uitstoot te verminderen. Een grotere efficiency in grondstof- en materiaalketens kan 17 megaton CO2–equivalenten per jaar besparen. Dat is bijna 10% van onze jaarlijkse CO2-productie.

Om de huidige Nederlandse economie versneld te veranderen in een circulaire economie, zijn drie strategische doelstellingen in het rijksbrede programma geformuleerd:

  1. Grondstoffen in bestaande ketens worden hoogwaardig benut. Deze efficiencyslag kan leiden tot afname van de grondstoffenbehoefte in bestaande ketens.
  2. Waar nieuwe grondstoffen nodig zijn, worden fossiele, kritieke en niet duurzaam geproduceerde grondstoffen vervangen door duurzaam geproduceerde, hernieuwbare en algemeen beschikbare grondstoffen. Hiermee maken we onze economie niet alleen toekomstbestendiger, maar ook minder afhankelijk van fossiele bronnen en de import daarvan. Verder blijft ons natuurlijk kapitaal zo behouden.
  3. We ontwikkelen nieuwe productiemethodes, gaan nieuwe producten ontwerpen en gaan gebieden anders inrichten. Ook bevorderen we nieuwe manieren van consumeren. Dit leidt tot andere ketens die de gewenste reductie, vervanging en benutting een extra impuls geven.

Het in januari 2017 gesloten grondstoffenakkoord vormde de opmaat voor transitieagenda’s. De transitieagenda’s vragen inzet van alle betrokken maatschappelijke actoren. Het gaat om vijf prioriteiten: Biomassa en voedsel, Maakindustrie, Kunststoffen, Bouw en Consumptiegoederen. Deze prioriteiten hebben een relatief grote economische impact, kennen een grote milieudruk, bieden kansen door de reeds aanwezige initiatieven van maatschappelijke partijen en sluiten goed aan bij de prioriteiten van de Europese Commissie. De begin 2018 voor deze prioriteiten opgestelde transitieagenda’s zijn nu in uitvoering.

Keer terug naar de hoofdtekst


[1] België, Luxemburg, Duitsland, Frankrijk, Groot-Brittannië, Denemarken.
[2] Belgische gewesten en provincies, Duitse deelstaten en districten (‘Bezirke’) en Franse regio’s en departementen zijn voorbeelden van dergelijke regio’s.
[3] Dit is de top 4 uit de recent uitgebrachte lijst van logistieke hotspots.
[4] Ministerie van Infrastructuur en Milieu & Ministerie van Economische Zaken, Nederland Circulair in 2050, Den Haag 2016.